Skip to main content

Biosecurity Measures

Wees waakzaam en controleer tijdens de inspecties van de bijenkasten op kleine bijenkastkevers en zijn larven

26 Jan 2026
Exchange

In de aangetaste kolonies kan de kleine bijenkastkever (Aethinia tumida) zich in zeer grote aantallen vermenigvuldigen. De larven zijn echte omnivoren en vreten het broed, de honing en de pollen. Ze maken de raten kapot en door hun excrementen zal de honing gisten en bederven. Bij een ernstige ongecontroleerde aantasting, zal het volk uiteindelijk ten onder gaan of gedwongen worden tot nestontruiming. Tijdens de inspectie van bijenkasten is het belangrijk om te controleren op de mogelijke aanwezigheid van kleine bijenkastkevers. Volgende symptomen kunnen genoteerd worden:
– aangetaste, door de bijen verlaten ramen, met tunnels in de raten (door de larven uitgevreten gangen)

– broedvernietiging, opgevreten broed door de larven

– sterke geur van gistende honing (door de gist K. ohmeri) en wijziging van de honingkleur.


De duidelijkste indicatoren, zijn natuurlijk de kleine bijenkastkevers zelf. Hier volgen de verschillende levensstadia.
Ei: Het bevruchte wijfje kan gemiddeld 1.000 tot 2.000 eitjes leggen tijdens haar leven. In kieren en spleten van het houtwerk of in verzegelde broedcellen legt ze groepjes van 10 tot 30 eitjes. Deze witte eitjes zijn ongeveer 2/3 van de grootte van honingbij-eitjes. In gemiddeld 1 tot 6 dagen vormt het eitje zich om tot larve.


Larve: De larve is de meest schadelijke fase voor de kolonie wanneer die in de bijenkast voorkomt. Ze graaft zich onmiddellijk in in de was en voedt zich met de bijeneitjes, pollen en honing. De larve groeit tot ongeveer 1 cm lengte, is roomwit en kan op het eerste gezicht lijken op de larven van de wasmot (Galleria mellonella) (zie kastkeverlarven leren onderscheiden van wasmotlarven). Na 6 tot 14 dagen voeden, gaat de larve op zoek naar een goede plaats om te verpoppen. Hiervoor kan ze zich tot 200 m buiten de bijenkolonie verplaatsen. Op dit moment is de larve meest kwetsbaar voor predatie door mieren of vogels. Als de larve geen goede bodem vindt om te verpoppen, kan ze haar ontwikkeling pauzeren totdat er zich een geschikt moment met de goede condities voordoet.

Larven zijn over het algemeen minder mobiel, zeer talrijk, witachtig en geconcentreerd in de buurt van de honing en het stuifmeel waarmee ze zich voeden.

© LEONIDAS CHARISTOS
© LEONIDAS CHARISTOS

Pop: De larve graaft zich 5 tot 20 cm onder de grond in, in volle grond binnen 20 meter afstand buiten de kast, waar ze verpopt. Als de bodem zacht, vochtig en warm (> 10°C) is, neemt het popstadium 2 tot 12 weken in beslag afhankelijk van de omgevingsfactoren. Bij temperaturen onder 10°C, kan de verpopping tot 100 dagen duren. Eens de volwassen kever naar boven is gekropen, vliegt hij naar een honingbijkolonie op zoek naar eten.


Volwassen kever: Bij het uitlopen zijn de kevers licht gekleurd, nadien worden ze bruin tot zwart. Hoofd, thorax en abdomen zijn duidelijk gescheiden. Typisch voor deze kever zijn de kortere schildvleugels (elytra, a) waardoor het laatste stuk van het achterlijf zichtbaar wordt (b). Opvallend zijn de knotsvormige antennes (c). Volwassen kevers zijn 5 tot 7 mm lang en 2,5 – 3,5 mm breed (= 1/3 van de afmeting van een werksterbij). Ze zijn in staat om 10 km ver te vliegen om nieuwe bijenkolonies te infecteren. Ze verkiezen zwakke kolonies in het voorjaar en de zomer, maar sterke kolonies in de herfst door het hogere aantal werksters om hen warm te houden. De volwassen kevers kunnen tot 9 dagen overleven zonder voedsel of water en tot 50 dagen op oude raten. Vrouwelijke kevers zijn iets langer en zwaarder dan de mannetjes en komen in groter aantal voor. Na 7 dagen zijn de kevers geslachtsrijp en paren ze binnen het bijenvolk. Ze leven tot 6 maanden van de honing en slagen er zelfs in om gevoederd te worden door de bijen. Met hun antennes laten ze de wachtersbijen hun eten terug opbraken, wat de kevers daarna opeten.

© Kamiar Torabi
© LEONIDAS CHARISTOS

Aangezien volwassen exemplaren de neiging hebben om voor licht te vluchten en larven zich voornamelijk in honing- en stuifmeelraten concentreren is het controleren op kevers niet eenvoudig, omdat ze klein en snel zijn. Door hun donkere kleur zijn ze echter duidelijk zichtbaar op nieuwe, lichtgekleurde raten.  Zoek de kevers in de niet-verlichte delen van de kast en in de scheuren met afval dat niet door de bijen wordt verwijderd. Een hulpmiddel om de kevers makkelijker te vinden is een gegolfde plastic of kartonnen strip met golfjes van 4 mm doormeter. Plaats deze op de kastbodem. Volwassen kleine bijenkastkevers zullen zich trachten te verschuilen in de tunneltjes.

© Kamiar Torabi

Referentie

Honeybee Valley | Aangifteplichtige bijenziekten

Comments

You can Register or Login
to post a comment.

Leave a CommentCancel reply

Questions

You can Register or Login
to post a question.

Leave a QuestionCancel reply

Tips

You can Register or Login
to post a tip.

Leave a TipCancel reply